Stichting GRAFMONUMENTEN Sint Pieter.

Meer over drenkelingen en ongelukken gebeurd in samenhang met de Maas, Jeker, het Kanaal van Luik naar Maastricht en andere waterwegen.

Meerdere personen verdronken in het Kanaal van Luik naar Maastricht. Philippus Van Gulpen schrijft in zijn Kroniek der stad Maastricht: "1860 Den 10 julij is een jong mensch van 18 jaren uijt de Stokstraat in het Canaal Van Luijk gevallen aan O.L. Vrouwe poort, men heeft hen aanstonds uijtgehaald, het was in volle dag, maar is niet tot sig gekomen. Het was een looper en slijper. Niet geslapen hebbende ging laveeren op de drijvende stellagie der metselaers, die het Canael repareerden en is in het water gevallen".

Wie was deze ongelukkige? Het slachtoffer was Ignatius OEDZES. Zijn ouders waren Johannes Roels OEDZES en Joanna BÖHMER.

Ignatius werd geboren omtrent 1842. Hij overleed ("omgekomen") 10 juli 1860, 18 jaar oud, een uur des namiddags te Maastricht. Ignatius was dagloner en ongehuwd. Bij overlijden woonde hij in de Stokstraat 3003. De aangevers van zijn overlijden waren Arnoldus GODDING, dagloner, 40 jaar oud, nabuur en Christiaan Lambert SCHAPPIN, 42 jaar oud, eveneens nabuur en beiden woonachtig te Maastricht.

 

De Onze Lieve Vrouwe poort in 1867 aan de kanaalzijde. Foto: privé collectie. In 1868 zou deze poort gesloopt worden. In het straatdek is nog aangegeven waar deze poort gestaan heeft. Dagblad De Nieuwe Limburger bericht over de laatste stuiptrekkingen van deze oude ophaalbrug.  

 

 

21 september 1667 (op de dag van het feest van St. Matteüs, apostel en evangelist): Bartholomeus RONDAIJ, Joannes RONDAIJ en Paulus RONDAIJ werden begraven op 21 september 1667 te St. Pieter. Zij waren verdronken in de Maas toen hun bootje omsloeg als gevolg van een sterke rukwind tijdens het afvaren tussen Lanaye en Nivelle onder het fort.

Gerardus LOUVERIX verdronk in de Maas toen hij probeerde een aantal kinderen te redden, waarschijnlijk bovengenoemden. Hij was 65 jaar oud.

Gerard werd gedoopt op 10 april 1602 te St. Pieter als zoon van:
Rutgerus LOUWERIX (LOUVRIX LOUVERIX LOUWERYCCX) geboren omtrent 1570. Reyner huwde Elijzabetha BUIJS (BIJS BEENEN) 5 november 1590 te St. Pieter. Reyner overleed "peste mortuis" (gestorven aan de pest) en werd begraven op 7 juni 1632 te St. Pieter. Elijzabetha BUIJS (BIJS BEENEN) werd geboren omtrent 1570.
Gerard huwde Maria HENSKENS (GENSKENS) omtrent 1644. Hij werd begraven op 21 september 1667 te St. Pieter.

 

Quirinus VAN HONTUM was ook een van de drenkelingen. Quirinis werd geboren omtrent 1638. Hij huwde Catharina PARTOUNS omtrent 1659. Quirinus werd begraven op 21 september 1667 te St. Pieter. Een maand na zijn overlijden wordt zijn zoon Quirinis VAN HONTEM geboren en gedoopt op 29 oktober 1667 te St. Pieter.

 

 

 

14 mei 1694: een zekere LUVI werd begraven op 14 mei 1694 te St. Pieter. Hij was verdronken in de Maas en afkomstig uit het Luikerland.
 

19 maart 1697: Henricus HOLTEE werd begraven op 19 maart 1697 te St. Pieter. Hij was verdronken in de Maas. Zijn ouders waren Joannes HOLTEE en Mechtildis FRANCET.

 

 

13 april 1703: Egidius QUELLINGH (QUELLEN) verdronk bij de brug van Maastricht, 16 jaar oud. Hij werd gedoopt op 25 december 1686 te St. Pieter als zoon van
Hubertus QUELLINGH en Maria KOENEN (COENEN). Zij huwden op 24 november 1680 te St. Pieter.

3 juli 1707: Joannes NULENS verdronk 3 juli 1707, 17 jaar oud zijnde in de Maas. Hij werd 5 juli 1707 begraven op het kerkhof van St. Martinus te Maastricht:

 

 

 

16 juni 1722: Nn WIERIX werd begraven te St. Pieter. Hij was de zoon van de schout van Wonck en was verdronken in de Jeker.
 

1 juli 1729: Joannes DAGO verdronk in de Jeker. Hij werd begraven op het kerkhof van de St. Nicolaasparochie:

 

 

 

 

23 januari 1741: Lambertus POOLMANS - gehuwd met Anna COLLEIJ - werd begraven op 23 januari 1741 te Borgharen. Hij was verdronken in de Maas:

 

 

 

12 april 1749: Beatrix SCHEFFELEERS werd begraven op het kerkhof van St. Pieter. Zij was 3 jaar oud en was verdronken in de Jeker.
 

 

 

15 september 1750: op 14 september 1750 werd Anna Maria DEVENS, een meisje van ongeveer 10½ jaar oud, vermist. Zij bleek van de brug te zijn gevallen en terecht te zijn gekomen onder het rad van de Bisschopsmolen te Maastricht. Men vond haar hoofd verpletterd vanaf het ene oor tot aan het andere oor, evenals haar borst en haar boven- en onderbenen. Anna werd begraven op 15 september 1750 te St. Pieter. Zij was een dochter van Michael DEVENS en  Maria Agnes FRANSSEN. Michael DEVENS werd gedoopt op 7 september 1714 te Thorn. Hij huwde Maria Agnes FRANSSEN (FRANSEN) 6 april 1739 te Oud-Vroenhoven. Michael overleed 14 februari 1784, 69 jaar oud. Maria Agnes FRANSSEN werd geboren op 1 oktober 1712 te Oud-Vroenhoven. Zij werd gedoopt op 1 december 1712 te St. Pieter. Agnes overleed 6 december 1753, 41 jaar oud te Oud-Vroenhoven.

 

 

 

 

De Bisschopsmolen te Maastricht. Foto: Breur Henket.

 

 

 

 

 

 

 

16 april 1763: onbekende drenkeling begraven te Borgharen op het kerkhof:

 

 

22 juni 1765: Peter DRIESSEN uit Blerick overlijdt na een val van zijn paard en werd begraven op het kerkhof van Borgharen. Een lijndrijver trekt met zijn paard en lijn een schip voort:

 

 

 

 

 

 

18 augustus 1766: Wilhelmus HELT overleed 18 augustus 1766, 17 jaar oud te St. Pieter en werd 18 augustus 1766 te St. Pieter begraven. Hij verdronk in het lacu busonium ook genaamd het verkens weertjen en werd direct begraven:
 

 

 

 

28 september 1767; Begraafboek St. Nicolaas Maastricht. Henricus NIJPELS gehuwd te Lanaken en varend in de regio Elsloo verdronk in de Maas. Hij werd begraven te Borschem.

 

 

11 augustus 1776: Lambertus JANSEN werd 15 augustus 1776 op het kerkhof van St. Matthias te Maastricht begraven. Hij was een ongehuwd en verdronk op zondag 11 augustus buiten de Boschpoort. Hij woonde in de Capucijnenstraat te Maastricht:

 

 

 

 

 

29 augustus 1777: Petrus ROOBORG, jongman, begraven op het St. Matthiaskerkhof te Maastricht (gratis). Hij verdronk aan de Coolpoort (het Bat bij het O.L.Vrouweplein) te Maastricht. Pierre woonde in de Bockstraat (Boxstraat).

 

16 november 1787: Theodorus HAMELERS. Theodore was een zoon van Regnerus HAMELERS (HAMELEERS) en Ida NELISSEN. Hij werd gedoopt op 8 maart 1723 te St. Pieter. Theodore huwde Elisabeth HAMELERS, dochter van Matthias HAMELEERS (HAEMELAERS HAMELAERS HAMELERS) en Catharina PAULI) 16 april 1752 te St. Pieter. Theodorus overleed 64 jaar oud; hij verdronk in de Maas, bij de Blekerij te St. Pieter en werd begraven op 16 november 1787 te St. Pieter. Hij werd op 6 mei 1752 burger van Maastricht in het ambacht der kremers.

 

18 december 1800: Egidius HENDERIX (HENDERIKS) verdronk 18 december 1800 aan de Maasbrug te Maastricht. Hij werd 18 december 1800 te St. Pieter begraven. Gilles werd geboren omtrent 1770 als zoon van Egidius HENDERIX geboren omtrent 1745. Hij huwde Maria Elisabetha BOVENS (BOUVRIE) 4 februari 1766 te St. Pieter. Elisabeth werd gedoopt op 2 november 1730 te St. Pieter. Zij overleed 15 juni 1809, 78 jaar oud te St. Pieter en werd begraven op 5 juni 1809 te St. Pieter. Gilles huwde Maria Catharina BERGMANS 14 april 1793 te St. Pieter. Marie Catrien werd begraven op 18 november 1842 te St. Pieter. Zij was na het overlijden van Gilles hertrouwd met Arnoldus LEJAAK.

 

10 februari 1807: Anna NELISSEN. Zij verdronk op de Weert aan haar huis te St. Pieter en werd gevonden in Geulle onder Maastricht en te Geulle begraven op 24 maart 1807. Zij was 68 jaar oud. Anna werd gedoopt op 30 november 1738 te St. Pieter als dochter van Gerardus NELISSEN en Maria Anna PAULI. Zij huwde Hermannus GORREN, zoon van Antonius GORREN en Ida MIESEN (MIESSEN MEESEN MEISEN), 14 februari 1779 te St. Pieter. Herman GORREN werd gedoopt op 25 maart 1743 te St. Pieter. Hij werd begraven 51 jaar oud zijnde op 21 oktober 1794 te Maastricht. Hij werd vermoedelijk gedood tijdens het beleg van Maastricht door de Fransen.
 

3 maart 1819: Renerus HAMELEERS verdronk tegenover Caestert en werd gevonden op 6 april 1819 onder de Berg te St. Pieter. Hij was mest gaan halen in Eijsden en zijn pont was ondergegaan in de Maas. Het was zeer slecht weer. Renier werd bijgezet op 7 april 1819 te St. Pieter. Hij werd gedoopt op 10 september 1777 te St. Pieter. Hij woonde in het Wit Peerdsje langs de Maas en in 1819 ernaast in zijn vaders huis. Zij ouders waren Lambertus HAMELERS (HAMELEERS) bijgenaamd "lekmintungske" en Anna Maria ISERMANS (IJSERMANS). Lambert werd geboren op 25 augustus 1743 te St. Pieter. Lambert huwde Anna Maria ISERMANS (IJSERMANS) 13 februari 1774 te St. Pieter. Lambert overleed 30 oktober 1811, 68 jaar oud in het huis van zijn zoon Renier langs de Maas te St. Pieter en werd begraven op 2 november 1811 te St. Pieter. Renier huwde Maria Anna WIRIX (WIERIXS), dochter van Arnoldus WIRIX (WIERIX) en Maria Anna DUCHATEAU (DU CHATTEAU)) omtrent 1800. Marie Anne werd gedoopt op 9 mei 1764 te Bunde. Zij overleed 4 februari 1818, 53 jaar oud te St. Pieter en werd begraven op 6 februari 1818 te St. Pieter.

 

2 oktober 1821: Guillaume (Wilhelmus) FRISSEN. Willem overleed 2 oktober 1821, 47 jaar oud. Hij verdronk in de Maas en werd begraven op 4 oktober 1821 te St. Pieter. Willem werd gedoopt op 22 februari 1773 te St. Pieter. De doopgetuigen waren Maria STAPPERS, Wilhelmus FRISSEN en Maria Agnes EIJSSEN. Zijn ouders: Joannes FRISSEN geboren te Meerssen. Jean huwde Maria Anna DUCHATEAU (DU CHATTEAU) 16 september 1772 te Maastricht  parochie St. Nicolaas. Jean werd begraven op 30 oktober 1793 te St. Pieter in de kerk. Maria Anna DUCHATEAU (DU CHATTEAU) werd gedoopt op 10 november 1732 te St. Pieter. Zij overleed 12 april 1812, 80 jaar oud te St. Pieter en werd bijgezet op 14 april 1812 te St. Pieter. Het echtpaar woonde "Op Sint-Pietersberg" nummer 80 (Franse telling).

Dagboek Rosier: 1821. Den eersten October op Heugemer Kermismaandag is 's avonts naar Heugem gegaan Wilhelmus Frissen, oud 49 jaren, zoone van Joannes Frissen en Maria Anna Duchateau, hij was nog jonkman en 's avonts naar huis komende is met de pont willen over de Maas vaaren en hij is in de Maas verdronken, en Dynsdag den 2den October is hij gevonden achter de Maasbrug te Maastricht en is daar gevisiteerd en is den 3den October gebragt in een serk op de Blekerij bij Petrus Egidius Claessens en hij is in Sint Pieter begraven op de kerkhof den 4den October 1821. De pont lag hier in de Weert in den hoek gelijk men die plaats noemt, en zij hebben de pont gevonden den dag daarnaar op de Blekerij, zo moest hij zeker daaruyt gevallen zijn, maar hij was maar alleen als hij met de pont overkwam en thien jonkmans hebben hem gedragen en die hebben vereert in de kerk een glaasen kroon van 75 frangs, de jonkmans zijn geweest deze navolgende: te weten, Nicolaus Claessens, Wilhelmus Blankers, Henricus Hinken, Wilhelmus Schrijnemaekers, Gerardus Ysermans, Leonardus Moermans, Joannes Ysermans, schipper, Arnoldus Ysermans, Matthijs van Lijf en Joannes Hendrix, en wij hebben hem met het kruys gehaalt op de Blekerij den 4 October, Donderdags, hij was geboortig uyt Sint Pieter. Men zegt dat hij is overgevaaren met een boonstek in de plaats van een vurk, want hij had zijn vurk 's avonts naar Heugem gaande, verstoken, en die had hij niet meer konnen vinden en is toen met eenen boonstek willen overvaaren, want men heeft zijn vurk gevonden den dag daarnaar waar de pont gelegen had aan de Weert en het was ook dien avont zulk ontstuimig weer dat de boomen uyt de grond waeyden en zo duyster als het oyt geweest is, ik heb dit hier tot gedachtenis geschreven van aan dit ongeluk te denken, die dit zullen lezen. Joannes Rosier.
 

1822. Verkoop van de landerijen van Willem en Lambertus Frissen den 5 Februarius. Willem Frissen was verdronken in de Maas. Martinus Claessens heeft gekogt uyt den rooden haan 2 groote, 10 kleen roede oude maat, yder roede 3 honderd gulden Luyks geld. Lambeer Geelen heeft gekogt op de Weert een groote roede oude maat, 200 en 65 gulden Luyks geld. Arnoldus Ysermans heeft gekogt op de Weert 2 groote roede oude maat, yder roede 300 en 50 gulden Luyks geld. Het huis van Lambeer Frissen en 30 kleen roede land is verkogt voor duysent gulden Luyks geld, Lambeer Frissen heeft dit gekogt.
Lambertus Duchateau van Lichtenberg heeft gekogt 9 graote roeden aan Zonnenberg, oude maat, yder roede 93 Nederlanders. Gilis Claessens heeft gekogt aan Zonnenberg 10 groote en 3 kwaart roede oude maat, yder roede 100 en 3 Nederlanders. Gilis Claessens heeft ook gekogt 11 kleen roede oude maat gelegen achter de Blekerij, genaamt het Pastoorshofke voor 60 Nederlanders.


4 augustus 1823: Lambertus Hubertus GEELEN. Lambert Hubert was een zoon van Lambertus GEELEN (GELEN) geboren en gedoopt te Canne op 26 september 1788. Hij huwde (1) Joanna Gertrudis COLLEIJ op 10 juni 1819 te St. Pieter. Lambert huwde (2) Maria Helena GOESSENS (GOESSEN) 5 september 1823 (7 september kerkelijk huwelijk te St. Pieter) te St. Pieter. Lambert overleed 1 mei 1863, 74 jaar oud en werd begraven op 4 mei 1863 te St. Pieter. Zijn eerste vrouw Joanna COLLEIJ, dochter van Joannes COLLEIJ en Joanna Maria CLAESSENS (CLAESSEN), werd gedoopt op 7 februari 1792 te St. Pieter en overleed 19 oktober 1821 om negen uur 's avonds, 29 jaar oud Langs de Maas No. 56 te St. Pieter.
Lambert Hubert werd geboren en gedoopt op 13 oktober 1821 te St. Pieter. Hij overleed 4 augustus 1823 om 10.00 uur 's avonds, 22 maanden en 12 dagen oud in het ouderlijk huis Onder den Berg 56 te St. Pieter en werd begraven op 5 augustus 1823 te St. Pieter. Het dagboek van koster Rosier vermeldt dat hij bij zijn huis in de mestkuil gevallen is en daarin verdronken. Dit blijkt niet uit de "Akte van Sterfte". De aangevers van het overlijden, Ludovicus en Martinus CLAESSENS, zijn buren van de vader en beiden herbergier te St. Pieter.

 

 

 

 

11 juli 1831 werd te Lanaye in de Maas het lijk van een onbekende gevonden. De drenkeling werd omtrent 13 jaar oud geschat. De aangifte werd gedaan door Gilles DURIA, schepen van Lanaye, Louis AINER, veldwachter te Lanaye en ROOSEN, arts te Eijsden.

 

15 juli 1831: Christianus Hubertus HAMELEERS.

De ouders van Chrétien HAMELEERS waren:
Christianus HAMELEERS (HAMELERS HAMELARS) bijgenaamd de Swarte Jeune. Christiaan werd gedoopt op 25 december 1751 te St. Pieter. Hij huwde (1)Maria  Elisabeth DUBAER 17 november 1776 te St. Pieter. Christiaan huwde (2) Maria Catharina GEELEN (GELEN) 4 oktober 1811 (6 oktober 1811 kerkelijk huwelijk te St. Pieter) te St. Pieter. Christiaan overleed 9 maart 1828, 76 jaar oud te St. Pieter en werd begraven op 10 maart 1828 te St. Pieter. Koster Rosier vermeldt in zijn dagboek dat Christianus is begraven op het kerkhof van de armen te St. Pieter en woonde aan het kapelletje van St. Lambertus. Zijn eerste vrouw werd begraven op 15 op mei 1809 te St. Pieter. Met zijn tweede vrouw had hij vier kinderen, waarvan een gestorven. Hij is gehaald met het zilveren kruis en er waren 70 lijklui bij zijn begrafenis.
Maria Catharina GEELEN (GELEN) werd gedoopt op 5 mei 1780 te Simpelveld.  Zij overleed 2 september 1857, 77 jaar oud te Maastricht en werd begraven op 5 september 1857 te St. Pieter.
Chrétien werd geboren en gedoopt op 23 mei 1817 te St. Pieter. Hij overleed 15 juli 1831, 14 jaar oud. Hij verdronk op den Deken te St. Pieter. Chrétien werd begraven op 17 juli 1831 te St. Pieter.
Rosier: Christianus is verdronken op den Deken achter het huis van Henricus Hameleers in de Kompen, die vol water stonden. Hij ging met zijn kooi (koe) langs de straten en was zich gaan baden en is toen verdronken. De navolgende jonkmans hebben hem ten grave gedragen: Joannes Theunissen, Joannes Kruijen, Joannes Miessen, Nicolaus Brouns, Henricus Winants, Joannes van Gangeld, Franciscus Feijt, Hubertus Jongen, Simonis Feijt, Matthijs Janssen, Josephus Beckers en Joannes Scheffeleers. Zij hebben aan de kerk vereert voor 5 zwarte korokken, 3 voor de koralen en 2 voor pastoor Joannes Theunissen.

 

6 februari 1839: Jacob BERTRAND werd geboren te Lanaye omtrent 1787. Jacob overleed 6 februari 1839, 52 jaar oud. Hij verdronk te St. Pieter in de rivier de Maas tegenover de stenen dijk. Hij was een zoon van Maria BERTRAND en een onbekende vader. Jacob was gehuwd met Maria FONKERS.

 

20 december 1839: Anna PECKLERS. Zij was 23 november 1839 verdwenen uit haar woonplaats Luik. Haar ouders waren Mathias PECKLERS en Anna QUETTEN. Anna werd geboren op 29 september 1807 te Luik. Zij was gehuwd met Servaes Noel Joseph BOLSÉ. Koster Joannes Rosier noteerde: "20 Dec.1839 tusschen 2 en 3 uren een dood lighaem van het vrouwelijk geslacht is komen de Maas afdrijven" van Anna PECKLERS, geboren te Luik op 29 september 1807, dochter van Mathias "geweremaecker" en Anna QUETTEN, huisvrouw van Servaes Noel Joseph BOLSÉ. Anna was onnozel.

Anna werd begraven op 6 januari 1840 te St. Pieter. Zij werd 32 jaar oud.

 

Het grafkruis van Anna Pecklers aanwezig op het kerkhof van St. Pieter.

Opschrift: ICI / REPOSE / A. PECKLERS ÉPOUSE S. BOLSÉE / DÉCÉDÉE LE 23 NOVEMBRE / 1839

Foto: Breur Henket.

 
23 april 1845: Nn NN. Dagboek Rosier: het was een knecht van Willem Schrijnemakers op de Blekerij. Hij verdronk toen het schip omsloeg en is van de paarden gevallen in het water. Hij is gevonden in Itteren op 23 april en werd begraven 26 april op 1845 te Herstel. Hij was geboortig van Uijkhoven.

Joannes Josephus NOTERMANS overleed 14 oktober 1848, 48 jaar oud. Hij verdronk in de Maas te St. Pieter. Joannes werd geboren en gedoopt op 21 december 1799 te Limbricht. De doopgetuigen waren Anna Lucia KUSTERS, Joannes Josephus NOTERMANS en Maria Cornelia TESCHERS. Zijn ouders waren Peter Arnoldus NOTERMANS en Anna Gertrudis TESSCHERS (TISSCHERS, TESSERS, TESSENERS, TOSCHERS, TESSCHENS, FISCHERS). Hij huwde Anna Elisabeth STARMANS, dochter van Wilhelmus STARMANS en Anna Elisabeth PASMANS, 30 april 1840 te Maastricht. Anna Elisabeth werd geboren op 6 april 1806 te Berg en Terblijt. Zij overleed 2 juli 1865, 59 jaar oud te Maastricht.

 

15 december 1851: Catharina Elisabeth VAN HURCK werd geboren op 30 maart 1792 te Goes. Catharina overleed 15 december 1851, 59 jaar oud te Maastricht, vermoedelijk door een ongeluk verdronken in de nabijheid van de nieuwe sluis bij de Kom der Zuid Willemsvaart te Maastricht. Zij was koffie gaan brengen naar haar zoon Gerard HUPKENS, die op wacht stond als militair bij de hoofdsluis. Catharina was een dochter van Reinier VAN HURCK en Elisabeth CLAESSENS. Dit echtpaar is afwezig sedert 1793; hun verblijfplaats is onbekend. Zij huwde Willem HUPKENS, zoon van Gerardus HUPKENS en Maria Elisabetha JANSSEN 18 juli 1824 te Maastricht. Willem werd geboren op 18 februari 1795 te Maastricht. Hij overleed 14 november 1862, 67 jaar oud te Maastricht. Hij was werkman van beroep. Catharina was woonachtig in 1851 op de Houtmaas 3037 te Maastricht. Zij was dagloonster van beroep.

Van de vondst van haar stoffelijk overschot werd proces-verbaal opgemaakt:

 

Klik op de miniaturen om de afbeelding te vergroten.


 

12 december 1854: onbekend lijk gevonden op 11 december 1854. In het jaar achttien honderd vier en vijftig den twaalfden December zijn voor ons Ambtenaar van den burgerlijken stand der gemeente sint Pieter, Hertogdom Limburg verschenen Moermans Leonardus van beroep landbouwer wonende te sint Pieter in de Kluis oud zestig jaren en Rosier Gillis van beroep veldwachter wonende te sint Pieter oud zeven en dertig jaren dewelke ons verklaard hebben dat gisteren door hen om twaalf uren ‘s middags in de Kanaal bevonden is geworden een onbekend dood lichaam van het mannelijk geslagt aan de brug tegenover slavante zijnde sulks wijders bewezen bij procesverbaal van bevinding door den Edelachtbaren heer regter commissaris te Maastricht bij de arrondissements regtbank en hebben de comparanten deze akte met ons na voorlesing geteekend; aangifte op 12 december 1854.

 

Martin CLAESSENS verdronk 6 augustus 1861, 6 jaar en 10 maanden oud te St. Pieter. Martinus Petrus Hubertus CLAESSENS werd geboren op 13 oktober 1854 te St. Pieter als zoon van Gaspard CLAESSENS en Joanna Ursula VANGANGELT. Caspar werd geboren en gedoopt op 7 februari 1813 te St. Pieter. Hij huwde Joanna Ursula VANGANGELT (VAN GANGEL) 27 februari 1840 te St. Pieter. Caspar overleed 25 november 1879, 66 jaar oud te St. Pieter en  werd begraven op 28 november 1879 te St. Pieter. Joanna Ursula VANGANGELT (VAN GANGEL) werd geboren op 17 mei 1813 te St. Pieter. Ursula overleed 7 maart 1907 ruim 93 jaar oud In de Kluis des namiddags ten half twaalf ure te St. Pieter. Ursula werd bijgezet op 10 maart 1907 te St. Pieter.

 

26 januari 1865: Jean François HENQUET werd uit de Maas opgehaald om 5 uur in de namiddag te Wessem. François werd geboren op 1 mei 1840 te Lanaye (België). Hij werd 24 jaar oud. Hij was ongehuwd en haleur des bateaux (bootjager) van beroep. Woonachtig te Lanaye. De aangifte van zijn overlijden werd gedaan door Arnold JANSSEN, batelier (schipper) woonachtig te Ool en Henri HELKENS, constructeur des battes (spanen), beiden bekenden van de overledene.
Ziijn ouders waren: Gerardus HENQUET geboren op 28 juli 1805 te Lanaye. Gerard (Gradus) huwde Maria Joanna DOLHAIN 18 september 1835 te Lanaye. Gerard overleed 10 april 1883, 79 jaar oud te Lanaye. Hij was landbouwer van beroep. Jeanne werd geboren op 29 april 1804 te Lanaye. Zij overleed 9 september 1871, 67 jaar oud te Lanaye.
 

 

Venloosch Weekblad van 15 februari 1865.

Venloosch Weekblad van 15 april 1865.

Kopie van de overlijdensaangifte van 27 september 1865 te Wessem.



Maria Mechtildis Catharina BOURS: 1865 den 16 November is begraven te St. Pieter het kind van P. Bours en van Helena Henderix, oud tien jaaren, verdonken in de knaal. In het jaar achttien honderd vijf en zestig, den zeventienden November, zijn voor ons Ambtenaar van den Burgerlijken Stand der gemeente Sint Pieter, Hertogdom Limburg, verschenen Bours, Pieter, van beroep metselaar, wonende te Sint Pieter, oud zeven en veertig jaren, die zich heeft opgegeven te zijn vader van den overledene en Henderin (?), Gillis, van beroep landbouwer, wonende te Sint Pieter, oud zestig jaren, die zich heeft opgegeven te zijn vreemd van de overledene; dewelke ons hebben verklaard, dat Bours, Maria Mechtildis Catharina, dochter van Bours, Pieter (metselaar) en van Hendrix, Maria Helena Hubertina, oud ruim negen jaren, geboren te St. Pieter, langs het kanaal, overleden den veertienden September achttien honderd vijf en zestig te St. Pieter des namiddags om twee ure; aangifte op 17 september 1865.

 

De ouders van Maria Mechtildis Catharina BOURS waren Petrus BOURS en Maria Helena Hubertina HENDERIX. Petrus werd geboren op 22 maart 1819 te Oost. Pierre (Pieter) huwde (1) Joanna BRONCKERS 7 oktober 1847 te Gronsveld. Pierre huwde (2) Maria Helena Hubertina HENDERIX 3 september 1853 te St. Pieter. Pierre overleed 27 maart 1870 te St. Pieter en werd begraven -  "van den Armen" (Rosier) - op 28 maart 1870 te St. Pieter. Maria Helena Hubertina HENDERIX werd geboren op 21 januari 1817 te St. Pieter. Helena overleed 16 april 1876, 59 jaar oud te St. Pieter.

Maria Mechtildis Catharina BOURS werd geboren op 23 september 1856 te St. Pieter. Zij overleed 14 november 1865, 10 jaar oud  en werd begraven op 16 november 1865 te St. Pieter.
 

27 november 1870 werd te St. Pieter een man begraven "opgevischt" in de Maas.

 

13 februari 1871: Wilhelmus Hubertus ROIJMANS. Den 20 december is vermist Willem Roymans oud 26 jaar (?) toen heijt het gevroren (Dagboek Rosier). Hij werd aangetroffen op 13 februari 1871 om acht uur 's morgens op de oever van de Maas genaamd aan den Koek door Renier KITZEN, 29 jaar oud, schipper van beroep wonende te Grevenbicht en Henri KITZEN, 27 jaar oud, schipper, woonachtig te Grevenbicht. De aangifte werd gedaan in de gemeente Mechelen (Limburg)
 
De ouders van Wilhelmus Hubertus ROIJMANS waren:
Wilhelmus ROIJMANS (ROYMANS ROOYMANS) gedoopt 13 oktober 1792 te Maastricht, parochie St. Nicolaas. Willem huwde Maria Ida CLAESSENS 1 juni 1826 (6 juni 1826 kerkelijk huwelijk) te St. Pieter. Willem overleed 20 december 1868 St. Pieterstraat, 76 jaar oud te Maastricht. Willem werd bijgezet op 22 december 1868 te St. Pieter. Hij was burgemeester van Sint Pieter en herbergier. Schout en ambtenaar van de Burgerlijke Stand van de Gemeente Sint Pieter. Opvolger eigenaar van "De Torentjes". 1827/1829: woonachtig op het Thorentje aan de kerk. 1864: rentenier.
Maria Ida CLAESSENS geboren op 5 mei 1800 (15 Floréal an VIII) te St. Pieter. Maria overleed 23 januari 1867 op De Torentjes om 08.00 uur, 66 jaar oud te St. Pieter. Zij werd begraven op 25 januari 1867 te St. Pieter.
Wilhelmus werd geboren op 15 april 1836 te St. Pieter. Hij werd gedoopt op 15 april 1836 te St. Pieter door de pastoor van Ekkelder (Eckelrade). De doopgetuigen waren Petrus Egidius CLAESSENS, Maria Helena VAESSEN en Joannes ROSIER, koster. Willem Hubert werd 34 jaar oud.

 

13 augustus 1872: Joannes Hubertus MOERS. Hij werd begraven op 14 augustus 1872 te St. Pieter. Hij verdronk in het kanaal. 13 augustus 1872 ten half zes ure 's avonds aan de brug van Schuttelaer; "opgevischt ten Noorden van de brug over het zijkanaal bij de Contra gardes van het werk Weilburg binnen den kom dezer gemeente".

 

 

 

De oorspronkelijke loop van het kanaal van Luik naar Maastricht van 1850 tot 1881 tussen de vestingwerken werd in 1881 gecorrigeerd. Op bijgaande fragmenten van bestektekeningen betreffende de verlegging  van het Kanaal Luik naar Maastricht dd. 7 maart 1871 nr. 3214 en van 23 juni 1871 nr. 3399, afkomstig uit de Archieven van de Rijkswaterstaat, is de ligging van de scheepswerven en percelen duidelijk te zien als ook een gedeelte van de geplande rechttrekking door de nog aanwezige vestingwerken waaronder kroonwerk Hessen. Bron en foto's: RHCL Maastricht, inventaris Rijkswaterstaat te Maastricht 07.H05/2; collectie Dhr. Rob Kamps (†).

 

 

De aangevers van zijn overlijden op 14 augustus 1872 te Maastricht waren: Laurens SCHREIBER, meubelwerker, 58 jaar oud, zwager van de overledene en Franciscus LEMKENS, landbouwer, 24 jaar oud, nabuur van de overledene. Beiden woonachtig te St. Pieter.
De ouders van Joannes Hubertus MOERS waren:
Wilhelmus (Guillaume) MOERS geboren op 19 augustus 1803 (1 Fructidor An XI) te St. Pieter. Hij huwde Maria Elisabeth GELISSEN, weduwe van Wilhelmus HAMELERS, 7 april 1825 (12 april 1825 kerkelijk huwelijk) te St. Pieter. Willem overleed 17 december 1863, 60 jaar oud te St. Pieter. Hij werd begraven op 19 december 1863 te St. Pieter.
Maria Elisabeth GELISSEN  werd gedoopt op 7 februari 1796 te Maastricht parochie St. Nicolaas. Zij overleed 7 mei 1878, 82 jaar oud te St. Pieter. Elisabeth werd bijgezet op 9 mei 1878 te St. Pieter.
Joannes werd geboren op 1 november 1830 te St. Pieter. Hij was ongehuwd en werd 41 jaar en negen maanden oud. Hij was landbouwer van beroep en woonde op de Blekerij.

Joannes Bernardus SCHUTTELAER (SCHUTTELAAR) was brugwachter, voorheen: gepensioneerd marechaussee. Hij vestigde zich op 26 mei 1862 in de Sporenstraat no. 2845 in Maastricht, komend vanuit Thorn; verhuisde naar St. Pieter op 12 juni 1867. Terug in Maastricht op 28 oktober 1879; brugwachter, wonende Brugstraat 1047 te Maastricht.

 

De aangifte van overlijden te Maastricht op 14 augustus 1872.

 

Nieuwsblad van Roermond van 10 januari 1877: Joannes BASSIN. Hij werd geboren in 1872 en overleed 13 december 1876. 5 januari 1877 "opgevischt" uit de Maas te Borgharen, 5 jaar oud.
 

Nieuwsblad van Roermond 21 juli 1877:

Zaterdag-morgen is een arbeider die ten gevolge eener zenuwaandoening in ’t Bassin was gevallen door Kuiten en Meese-Nijst van een wissen dood gered
 

4 december 1878: Nn DETROOG

Nn DETROOG overleed omtrent 4 december 1878. Hij werd opgevischt uit de Zwanengracht te Maastricht.

Nieuwsblad van Roermond 12 januari 1878:
Maastricht 5 Jan. Gisteren-morgen heeft men uit de Zwanengracht te dezer stede het lijk opgevischt van den genaamden Detroog Belg van geboorte. Voor eenige dagen bevond de gemelde Detroog zich te Aken doch werd van daaruit met zijn vrouw en vier kinderen door de politie over de grens gebracht als zijnde zonder middelen van bestaan Daarna kwam hij met zijn gezin te Maastricht en was gelogeerd in een herberg in de Stokstraat toen hij gisteren-morgen uitging om niet
weder te keeren. Bovenbedoelde man schijnt door de armoede tot deze verschrikkelijke daad te zijn overgegaan gegaan. Geen werk hebbende was hij op
verscheidene fabrieken geweest waar hij overal van de hand gewezen werd. Ondertusschen weenden zijne kinderen om brood.
 

Egidius Hubertus VRIJENS overleed omtrent 17 maart 1879: een lijk van een man opgevist uit de Zuid-Willemsvaart te Maastricht (overlijden is een fictieve datum) 22 jaar oud. Egidius werd geboren op 8 september 1856 te Oud-Vroenhoven als zoon van: Hubertus VRIJENS geboren op 27 januari 1826 te Oud-Vroenhoven. Hubert huwde Maria Agnes HORRION 13 november 1851 te Oud-Vroenhoven. Hubert overleed 6 augustus 1899, 73 jaar oud te Oud-Vroenhoven. Maria Agnes HORRION werd geboren op 30 maart 1819 te Noorbeek. Zij overleed 17 februari 1870, 50 jaar oud te Oud-Vroenhoven.

 

23 december 1880: Henri Mathieu HENQUET verdronk in de Maas.

Henri Mathieu HENQUET was een zoon van Martinus HENKET geboren op 18 april 1818 te Haccourt. Martin huwde Marie Barbe SCAFF 9 mei 1846 te Lanaye.  Martin overleed 30 mei 1898, 80 jaar oud te Lanaye. Hij was landbouwer van beroep. Marie Barbe SCAFF werd geboren op 7 maart 1820 te Lanaye. Zij overleed 11 januari 1872, 51 jaar oud te Lanaye.
Henri werd geboren op 16 maart 1849 te Lanaye en overleed 23 december 1880 te Lanaye. Henri was landbouwer en strohoedenmaker van beroep. De aangifte van zijn overlijden werd gedaan door Lambert JANSSEN, 34 jaar oud, arbeider en vriend van de overledene en Joseph JANSSEN, 32 jaar oud, arbeider en ook vriend van de overledene. Beiden woonachtig te Lanaye. Henri werd op 23 december 1880 om 4 uur in de namiddag dichtbij de kapel van Lanaye uit het water gehaald. De wateroverlast werd veroorzaakt door overstromingen  Henri was weduwnaar van Marie Joséphine Pétronille LINQUET. Zij was op 19 januari 1879 te Lanaye overleden, slechts 25 jaar oud.

 

Het Nieuws van den dag van 8 januari 1881.

 

De Tijd van 23 juni 1881: Maastricht, 20 Juni. Heden in den voornacht viel zekere L. in het langs de stad loopend Luikerkanaal. Hoewel men hem nog al spoedig op het droge haalde, bleek hij reeds een lijk te zijn. Eenige oogenblikken vóór het ongeval had de verongelukte in beschonken toestand een in de nabijheid gelegen herberg verlaten.

 

2 december 1883: op den Kleinen Weert werd uit de rivier de Maas opgehaald het lijk van een onbekend manspersoon van naar gissing 35 jaar oud.
Aangifte doen Petrus MOERMANS, landbouwer, 58 jaar oud en Jacques JONGEN, landbouwer, 23 jaar oud, beiden woonachtig te St. Pieter.

 

 

 

 

Guillaume René DUMOULIN overleed 15 juli 1884, 23 jaar oud. Hij verdronk te Luik in het openbare Parc de la Boverie. Willem Reinier werd begraven op 18 juni 1884 te St. Pieter. Hij was coutelier (messenmaker) van beroep, ongehuwd, woonachtig te St. Pieter langs het Kanaal en verbleef te Luik in de Rue des Prémontrés 11.

Reinier werd geboren op 27 maart 1861 te Maastricht als zoon van Ludovicus DUMOULIN geboren op 30 mei 1823 te Maastricht. Louis huwde Maria Cornelia Hubertina SCHRIJNEMACKER (SCHRIJNEMACKERS SCHRIJNEMAEKERS) 24 juli 1855 te St. Pieter. Louis overleed 24 november 1864, 41 jaar oud te St. Pieter en werd 28 november 1864 te St. Pieter begraven. Maria Cornelia Hubertina SCHRIJNEMACKER (SCHRIJNEMACKERS SCHRIJNEMAEKERS) werd geboren op 22 juli 1826 te St. Pieter. Cornelia (Corneille) overleed 3 december 1902, 76 jaar oud te Utrecht.

 

Petrus Josephus LAMKIN overleed 18 juli 1884, 15 jaar oud. Hij verdronk in de Maas "den 18 juli en den 21 julij gevischt" (Rosier) te Maastricht. Petrus werd 22 juli 1884 te St. Pieter begraven. Hij werd geboren op 7 juni 1869 te St. Pieter als zoon van Helena Hubertina LAMKIN, geboren op 8 maart 1844 te St. Pieter. Helena overleed 20 oktober 1906, 62 jaar oud te St. Pieter.

 

Joannes Hubertus IJSERMANS (IJZERMANS) overleed 27 december 1885, 65 jaar oud. Verdronken in de kanaal te St. Pieter. Hij werd 30 december 1885 te St. Pieter bergraven. Joannes werd geboren op 9 juni 1820 te St. Pieter en gedoopt 10 juni 1820 te St. Pieter. De doopgetuigen waren Franciscus HAMELEERS en Maria Ida BLANKERS. Zijn ouders waren  Joannes IJSERMANS (ISERMANS) geboren op 6 februari 1786 te St. Pieter. Jean (Jan) werd gedoopt 7 februari 1786 te St. Pieter. Jean (Jan) huwde Maria Christina GORREN 3 maart 1813 te St. Pieter. Hij overleed 2 februari 1839, 53 jaar oud te St. Pieter. Maria Christina GORREN werd geboren op 1 april 1783 te St. Pieter. Zij overleed 14 december 1839, 56 jaar oud te St. Pieter.

Hendricus Hubertus VANGANGELT overleed 8 juli 1886, 20 jaar oud. Henri werd geboren op 9 mei 1866 te St. Pieter. Hij verdronk in het Kanaal te St. Pieter en werd 10 juli 1886 te St. Pieter begraven. Hij was landbouwer van beroep en woonde langs het Kanaal. Henri was een zoon van:
Hendrikus Hubertus VANGANGELT geboren op 5 juli 1823 te St. Pieter. Hij huwde Maria Hubertina MOERMANS 1 februari 1856 te St. Pieter. Hendrikus overleed 4 maart 1902, 78 jaar oud te St. Pieter.
Maria Hubertina MOERMANS werd geboren op 22 december 1829 te St. Pieter. Zij overleed 21 november 1911, 81 jaar oud te St. Pieter.

 

De Tijd - godsdienstig-staatkundig dagblad van 11 augustus 1886: Men schrijft ons uit Maastricht: Een jongen van 12 jaar, Lamb. Poelmans geheeten, die zich Maandag in het Voedingskanaal nabij Maastricht ging baden, is jammerlijk verdronken. Hoevelen reeds op die plaats hun dood gevonden hebben, is moeielijk te zeggen. Geen jaar gaat er voorbij, of men hoort dat deze of gene in het Voedings-kanaal bij het baden het leven liet. Het ware te wenschen, dat het politietoezicht werd verscherpt. Het is niet de stadspolitie, die wij hier op 't oog hebben, want deze heeft op 't Voedings-kanaal geen toezicht uit te oefenen, daar 't zelf tot de gemeente Oud-Vroenhoven behoort, maar wèl de rijkspolitie mocht hier een oog in het zeil houden.

Lambertus POELMANS was een zoon van Joseph POELMANS en Maria KELLERS. Lambert werd geboren op 5 december 1873 te Maastricht. Hij overleed 9 augustus 1886, 12 jaar oud. Joseph POELMANS werd geboren op 20 februari 1835 te Mopertingen (BE) en overleed 17 maart 1897, 62 jaar oud te Maastricht. Hij was dagloner van beroep. Zijn echtgenote werd geboren op 18 november 1840 te Uckhoven (BE). Maria overleed 28 november 1925, 85 jaar oud te Maastricht. het gezin kwam 4 april 1865 uit Veltwezelt en ging wonen in de Capucijnenstraat te Maastricht.
 

17 augustus 1886 verklaren Joannes Hermanus Vranken, veldwachter, 37 jaar oud en Willem-Hubert Feij, bureaubeambte, 39 jaar oud en beiden wonende te St. Pieter "dat zij op heden omstreeks half elf ure voormiddags binnen deze gemeente aan den rooden haan hebben uit het kanaal Luik Maastricht opgehaald het lijk van een onbekend manspersoon naar gissing omtrent veertig jaar".

 

Maria Ida Hubertina JONGEN (werkbode) overleed 26 december 1886 "verdronken in de kanaal den 26 december 1886 en gevonden den 15 januarij 1887 te St. Pieter oud 64 jaar".
Ida werd begraven op 17 januari 1887 te St. Pieter. Zij werd geboren op 5 oktober 1822 te St. Pieter als dochter van:

Leonardus JONGEN geboren en gedoopt op 20 april 1795 te St. Pieter. Hij huwde Maria Ida HENKET (HENKE HENQUET) 26 juli 1822 (28 juli 1822 kerkelijk huwelijk te St. Pieter) te St. Pieter. Hij was landbouwer-hovenier en woonde Langs het kanaal 33 te St. Pieter. Leonard overleed 17 november 1853 Langs het Kanaal te St. Pieter, 58 jaar oud en werd 21 november 1853 te St. Pieter begraven.
Maria Ida HENKET (HENKE HENQUET) werd geboren op 14 augustus 1799 te St. Pieter. Zij overleed 2 augustus 1883, 83 jaar oud te St. Pieter.

 

Marie GILMART overleed 4 december 1887; zij verdronk in het kanaal. Marie werd geboren in 1851 te Seraing (België). Zij  werd begraven op 6 december 1887 te St. Pieter.

 

François LEONARD overleed 6 april 1888, ruim 38 jaar oud; hij werd "opgevischt" in de Maas te St. Pieter bij het wit huis en werd 8 april 1888 te St. Pieter begraven. Hij was een zoon van Thomas André LEONARD en Catharina Françoise Louise DUSSELBERG en werd geboren omtrent 1850 te Luik. Hij was gehuwd met Catharina HEIDEN en woonachtig te Luik. Bureabeambte van beroep.

Joseph GEELEN overleed 6 september 1888, drie en een half jaar oud: verdronken. Joseph werd begraven op 8 september 1888 te St. Pieter. Hij werd geboren in 1885. De ouders van Joseph GEELEN waren:
Joannes Hubertus GEELEN geboren omtrent 1846 te Slenaken. Joannes huwde (als militair zijnde) Matjen DE VENTE 13 februari 1884 te Harderwijk. Joannes overleed 8 oktober 1910, 65 jaar oud te Heerlen.
Matjen DE VENTE werd geboren omtrent 1867 te Harderwijk. Zij overleed 28 juli 1940, 73 jaar oud te Schaesberg.

 

Joannes Hubertus Reinerus HAMELEERS overleed 19 januari 1889, 22 jaar oud: verdronken. Renierus werd geboren op 31 januari 1867 te Maastricht. Hij werd "van den Armen" begraven op 21 januari 1889 te St. Pieter. De ouders van Joannes Hubertus Reinerus HAMELEERS waren:
Henricus HAMELEERS geboren op 28 april 1828 te Maastricht. Hendrick huwde Joanna Hubertina (Maria Joanna) ROIJMANS (ROYMANS) 9 mei 1856 te St. Pieter. Hendrick overleed 11 februari 1899, 70 jaar oud te 's-Hertogenbosch. Hij was landbouwer in 1856, 1868 en 1884. Dagloner in 1886. Woont in 1868 te St. Pieter onder den berg. Joanna Hubertina (Maria Joanna) ROIJMANS (ROYMANS) werd geboren op 24 juni 1835 te St. Pieter. Joanna werd gedoopt 25 juni 1835 te St. Pieter. Zij overleed 26 november 1882, 47 jaar oud te St. Pieter.

 

Johan Mathijs JACOBS overleed 15 juni 1891, 20 jaar oud, verdronken te St. Pieter. Hij werd begraven op 18 juni 1891 te St. Pieter. Johan werd geboren op 8 mei 1871 te Venlo, als zoon van  Jan Caspar JACOBS (rijksambtenaar), geboren op 7 december 1835 te Jabeek. Johan was onderwijzer van beroep. Jean Caspar huwde Johanna Gertrudis Hubertina VAN RENSEN 16 februari 1871 te Venlo. Jean Caspar overleed 8 april 1907, 71 jaar oud te Schinnen. Johanna Gertrudis Hubertina VAN RENSEN werd geboren op 21 mei 1844 te Venlo. Zij overleed 23 maart 1882, 37 jaar oud te Venlo.

 

Joannes Hubertus ROMPELBERG overleed op  26 april 1893 te St. Pieter, 28 jaar oud; "verdronken in de Gats aan den kleinen Weert hij was van heer". Willem werd begraven op 27 april 1893 te St. Pieter. Hij werd geboren op 13 september 1864 te Heer als zoon van Joannes Hubertus ROMPELBERG en Gertrudis LANDERLOO.

 

Den 27 april is begraven te Sint Pieter Willem Ropellenberg [sic], verdronken in de Gats aan den kleine weert. Hij was van Heer, oud 29 jaar. Voldaan. In het jaar achttien honderd drie en negentig, den zeven en twintigsten April, zijn voor ons Ambtenaar van den Burgerlijken Stand der gemeente Sint Pieter, Hertogdom Limburg, verschenen: Feij, Willem Hubert, oud zes en veertig jaren, van beroep bureau beambte, wonende te Sint Pieter, geen bloedverwant van den overledene en Vranken, Joannes Hermanus, oud drie en veertig jaren, van beroep veldwachter, wonende te Sint Pieter, geen bloedverwant van den overledene, die ons verklaarden dat Rompelberg, Joannes Hubertus, geboren te Heer, oud acht en twintig jaar, van beroep fabrieksarbeider, wonende te Heer, ongehuwd, zoon van Rompelberg, Joannes Hubertus, overleden en van Landerloo, Gertrudis, zonder beroep, te Heer wonende, is overleden den zes en twintigsten April achttien honderd drie en negentig te Sint Pieter, Kleine Weert des voormiddags te elf ure; aangifte op 27 april 1893.

 

Bataviaans Nieuwsblad van 16 maart 1894: in zake den verdronken gevonden gewezen O.-l. militair Rosier melden de limburgsche bladen nader, dat, daar de drenkeling een zware verwonding aan het hoofd draagt, aan misdaad gedacht moet worden. Aangehouden werden drie personen, nl. M. Habets, 22 jaar, A. Smits, huisvrouw Habets, en Th. Habets, 54 jaar oud, allen te Maastricht; zij worden verdacht van den moord te hebben gepleegd. De lijkschouwing heeft in het gesticht Calvariënberg plaats gehad; het lijk droeg meerdere verwondingen. De drie personen, welke in hechtenis waren, als verdacht van moord op den gegageerden O.-I. militair Rosier, te Maastricht, wiens lijk opgehaald werd uit het voedingskanaal, zijn weder in vrijheid gesteld.

 

De drenkeling Franciscus Hubertus ROSIER was een zoon van Johannes Hubertus ROSIER (1818-1867) en Maria Catharina HEUSSCHEN (1829-1903). Frans Hubert werd geboren op 11 oktober 1858 te St. Pieter. Hij huwde Hubertina HABETS, dochter van Theodoor HABETS en Maria Catharina BOOSTEN 25 juli 1888 te Maastricht. En opmerkelijk: deze Theodoor is een van de verdachten evenals zijn zoon en diens echtgenote!

De verdachten werden echter vrijgesproken. We zullen dus nooit weten hoe Frans Hubert echt aan zijn einde is gekomen. Hij overleed 5 februari 1894, een Carnavalsmaandag, 35 jaar en 3 maanden oud om 10 uur in de voormiddag te Maastricht. Hij was een gepensioneerd Oost Indisch Militair en woonachtig in de Raamstraat nummer 46 te Maastricht. Hij liet 1 zoon achter. Hubertina HABETS werd geboren op 2 mei 1861 te Maastricht. Zij overleed 10 februari 1938, 76 jaar oud te Maastricht.

 

 


 

Cornelia Hubertina DINJENS overleed 15 juni 1894, 2 jaar en 9 maanden oud, verdronken in het Broek te St. Pieter. Cornelia werd begraven op 17 juni 1894 te St. Pieter. Zij was een dochter van Pieter DINJENS geboren op 8 januari 1854 te Maastricht. Pieter huwde Sophia TILLIJ (TILLY) 7 januari 1876 te St. Pieter. Pieter overleed 7 maart 1936, 82 jaar oud te Maastricht en werd begraven te St. Pieter. Sophia TILLIJ (TILLY) werd geboren op 17 september 1852 te Maastricht. Zij overleed op 22 april 1937, 84 jaar oud te Maastricht en werd te St. Pieter bijgezet.

 

In het jaar achttien honderd vier en negentig, den zestienden Juny, zijn voor ons Ambtenaar van den Burgerlijken Stand der gemeente Sint Pieter, Hertogdom Limburg, verschenen: Feij, Willem Hubert, oud zeven en veertig jaren, van beroep bureau beambte, wonende te Sint Pieter, geen bloedverwant van den overledene en Vranken, Joannes Hermanus, oud vier en veertig jaren, van beroep veldwachter, wonende te Sint Pieter, geen bloedverwant van den overledene, die ons verklaarden dat Dinjens, Cornelia Hubertina, geboren te Sint Pieter, oud twee jaar en negen maanden, van beroep zonder, ongehuwd, wonende te Sint Pieter, dochter van de echtelieden Dinjens, Pieter en Tilly, Sophia, beiden landbouwers en te Sint Pieter woonachtig, is overleden den vijftienden Juny achttien honderd  vier en negentig te Sint Pieter, in het Broek, des namiddags te vijf ure; aangifte op 16 juni 1894.

Petrus Andreas JACOBS overleed 7 juli 1895, 21 jaar oud: verdronken "in het kanal" te St. Pieter. Hij werd geboren op 16 november 1874 te Beesel als zoon van:

Jan Caspar JACOBS  geboren op 7 december 1835 te Jabeek. Jean Caspar huwde Johanna Gertrudis Hubertina VAN RENSEN (RENSSEN) 16 februari 1871 te Venlo. Jean Caspar overleed 8 april 1907, 71 jaar oud te Schinnen. Johanna Gertrudis Hubertina VAN RENSEN werd geboren te Venlo. Petrus werd begraven op 9 juli 1895 te St. Pieter.

 

13 januari 1896 verklaren Willlem Hubert FEIJ, 48 jaar oud, bureaubeambte en Joannes Hermanus VRANKEN, 46 jaar oud, veldwachter, beiden wonende te Sint Pieter dat zij op gisteren omstreeks twee uur namiddag te Sint Pieter aan de groote Weert uit de rivier de Maas hebben opgehaald het lijk van een onbekend manspersoon van naar gissing omtrent dertig jaren oud.

 

14 mei 1896 verklaren Martinus LAMKIN, 50 jaar oud, landbouwer en Hubertus JANSSEN, 53 jaar oud, schrijnwerker, beiden woonachtig te Sint Pieter dat zij op gisteren omstreeeks zes uur namiddag te Sint Pieter op de Bleekerij uit de rivier de Maas hebben opgehaald het lijk van een onbekend manspersoon van naar gissing omtrent zestig jaar oud.

 

Godefridus Hubertus PREVOO overleed 25 mei 1896, 53 jaar oud. Hubert verdronk in het Kanaal bij Slavante des voormiddags te vijf ure te St. Pieter. Hij was een zoon van Egidius (Gillis) PREVOO (PREVOT) geboren op 29 september 1813 te Berg en Terblijt gehuwd met  Anna Maria JANSSEN op 10 november 1843 te Berg en Terblijt. Gillis overleed 10 januari 1877, 63 jaar oud te Berg en Terblijt. Anna Maria JANSSEN werd geboren op 16 maart 1813 te Scherpenseel (Duitsland). Zij overleed 6 december 1891, 78 jaar oud te Berg en Terblijt. Hubert werd geboren op 31 augustus 1844 te Berg en Terblijt. Hij was schrijnweker van beroep, ongehuwd en woonachtig te Wittem.

 

 

 

25 juni 1897 verklaren Willem Hubert FEIJ, 50 jaar oud, bureaubeambte en Joannes Hermanus VRANKEN, 47 jaar oud, veldwachter, beiden wonende te Sint Pieter dat zij op heden omstreeks vijf uren namiddag te Sint Pieter aan het Kantoor uit het Kanaal hebben opgehaald het lijk van een onbekend manspersoon naar gissing omstreeks dertig jaar oud.


Fredericus Jacobus Franciscus BONNEMAIJERS overleed 29 juli 1899 te St. Pieter, bijna 9 jaar oud, verdronken te St. Pieter en werd 31 juli 1899 te St. Pieter begraven. Hij werd geboren op 2 december 1890 te St. Pieter als zoon van:
Petrus Joannes BONNEMAYERS (BONNEMAIJER) geboren op 7 juli 1863 te Maastricht. Hij huwde Catharina Hubertina REINER (RENIER) 3 februari 1888 te St. Pieter. Petrus overleed 16 maart 1924, 60 jaar oud  te Maastricht en werd begraven te St. Pieter. Catharina Hubertina REINER (RENIER) werd geboren op 27 oktober 1861 te St. Pieter. Zij overleed 4 mei 1909, 47 jaar oud te St. Pieter en werd te St. Pieter begraven.

 

Joannes Paulus PARIS overleed 6 september 1899: verdronken in het kanaal, 68 jaar oud te St. Pieter. Hij werd 7 september 1899 te St. Pieter begraven. Joannes werd geboren op 9 februari 1832 te Maastricht als zoon van Hendrik PARIS en Anna Maria Catharina SERVAIS. Joannes Paulus was gehuwd met Anna Maria HENDRIX, dochter van Joannes Mathias HENDRIX en Anna Maria MUITJENS, op 10 maart 1858 te Maastricht. Anna werd geboren op 21 mei 1833 te Maastricht. Zij overleed 29 maart 1901, 67 jaar oud te Maastricht.

Petrus Josephus VANHEESWIJCK, zoon van Jan Mathijs VANHEESWIJCK, wonende te Maeseijck (B) en Anna Margerita DECRAE, overleed 30 september 1902 des voormiddags ten tien ure, ruim 52 jaar oud. Hij verdronk in de Maas te St. Pieter en werd begraven op 2 oktober 1902 te St. Pieter. Joseph werd geboren omtrent 1850 te Maeseijck. Hij was schippersknecht, ongehuwd en wonende te Maeseijck.

 

Nederlandsche Staatscourant 26 oktober 1910:

Bij Koninklijk besluit van 24 October 1910 n°. 57 is, als blijk van goedkeuring en tevredenheid, de bronzen eerepenning voor menschlievend hulpbetoon en een loffelijk getuigschrift toegekend aan:

M. Brouns, landbouwer te St.-Pieter, wegens de door hem met levensgevaar verrichte redding van eene drenkelinge uit het water van het kanaal Luik—Maastricht aldaar, op 5 Augustus 1910; — J. H. Scharis, glasblazer te Maastricht, wegens de door hem met levensgevaar verrichte redding van een drenkeling uit het water van het kanaal Luik—Maastricht, op 4 Aug. 1910.

 

26 januari 1913 werd een onbekende man opgevist uit de rivier de Maas te St. Pieter: opgevischt uit de rivier de Maas ten elf uren des voormiddags ter hoogte van het buitengoed "Maas en Burg" naar gissing omstreeks dertig jaren oud. De aangifte werd gedaan door Willem PLETZERS, 48 jaar oud van beroep veldwachter wonende te St. Pieter en Frans ROSIER, 22 jaar oud, landbouwer van beroep en wonende te St. Pieter.

 

31 maart 1913 aangifte door Gaspar CLAESSENS, 32 jaar oud, van beroep landbouwer en Willem PLETZERS, 48 jaar oud, veldwachter, beide aangevers wonende te St. Pieter, verklaren dat zij op 30 maart 1913 des namiddags ten drie uren uit de rivier "de Maas" ter hoogte van het gemeentehuis onder de gemeente St. Pieter hebben opgevischt het lijkje van een hun onbekend pas geboren kind van het mannelijk geslacht.

 

11 augustus 1914 verklaren Johannes Hubertus NIJS, 23 jaar oud, mijnwerker en Josephus WIJNANDS, 22 jaar oud, glasslijper, beiden wonende te Maastricht dat zij heden des voormiddags ten elf uren uit de Maas ter hoogte van het Sint Antoniuseiland onder deze gemeente, uit de Maas hebben opgevischt het lijk van een hunne onbekend persoon van het mannelijk geslacht naar gissing omstreeks oud vijf en twintig jaren. 8 april 1920 wordt bij beschikking van de Arrondissementsrechtbank te Maastricht bevolen, de akte te verbeteren met inmiddels de bekende namen en gegevens van de drenkeling.

De drenkeling is Aimé Remi DE MOOR, zoon van Emiel DE MOOR (inmiddels overleden) en Maria DESPIEGELEER (wonende te Haccourt). Aimé werd geboren omtrent 1896 te Velsique-Ruddershove (België Oost-Vlaanderen). Hij was ongehuwd, kuiper van beroep en woonde te Lixhe.

 

Nieuwe Apeldoornsche Courant van 21 augustus 1918: MAASTRICHT, 21 Aug. Het twee en half jarig zoootje van K., is nabij het buitengoed „Aux Champe Elysées" tijdens het spelen in een onbewaakt oogenblik in de Jecker gevallen en verdronken.

 

Litho "Aux Champs Elysées". Nu Cannerweg 111 te Maastricht. Foto: collectie Wil Lem..

 

19 oktober 1918 werd het lijk van een onbekende man van naar gissing omstreeks 40 jaren oud opgevischt uit de rivier de Maas ter hoogte van de kerk te St. Pieter.

 

18 juni 1919 verschijnt in de Telegraaf een artikel met de kop "Een zwemschool dringend noodig". De aanleiding:

de gehuwde arbeider der zinkwitfabriek Bouwens, wonende Grachtstraat alhier, is in de nabijheid der fabriek, bij het baden in de Maas verdronken.
Maastricht, een stad met een arbeidersbevolking van meer dan de helft van haar zielenaantal; heeft na een 30-jarige telkens weer opnieuw opduikende discusie in den gemeenteraad, eindelijk besloten tot de oprichting van een zwemschool. Nu is men echter zoó laat met den bouw begonnen, dat de school waarschijnijk niet eerder zal kunnen worden geopend dan.... tegen het begin van den winter. Telken jare eischt het baden in Maas en Kanaal een aantal slachtoffers.

 

28 augustus 1919 werd opgevischt uit de Maas nabij de duiker te St. Pieter het lijk van een pasgeboren kind van het mannelijk geslacht.

 

 

28 maart 1924 Limburgsch Dagblad: L.H.

Maria Hubertina LEENDERS verdronk 9 oktober 1926, 43 jaar oud. Zij wilde het waswater uitgooien en heeft haar evenwicht verloren. Daar ze niet kon zwemmen is ze verdronken. Zie: Geruimd Maria Hubertina Leenders.
 

Angèle Louise HERRMAN, dochter van François Louis HERRMAN (schipper uit Rotterdam) en Sylvie Catherine GALÈRE overleed 9 november 1927, 1 jaar en 2 maanden oud om half zeven uren namiddag te Maastricht. Een petroleumlamp was omgevallen in de kajuit van het schip Louise Pierre en Angèle verbrandde levend.

Bron: Nieuwe Rotterdamsche Courant van 10 november 1927.

Bron: De Limburger Koerier Maastricht van 10 november 1927.

De aangifte van overlijden te Maastricht op 10 november 1927.


 

Mathieu VAN DIEST verdronk 2 februari 1930 te Borgharen. Zijn ouders waren Joannes Wilhelmus VAN DIEST geboren op 8 mei 1828 te Amstenrade. Hij huwde Maria Agnes ENGELS 12 januari 1859 te Maastricht. Maria Agnes ENGELS werd geboren op 2 januari 1832 te Lanaken.

Mathieu werd geboren op 13 mei 1865 te Maastricht. Hij huwde Maria Anna Catharina HABETS, dochter van Joannes HABETS en Anna Catharina SCHOUTETEN,  9 januari 1907 te Maastricht. Maria werd geboren op 4 februari 1874 te Berg en Terblijt. Zij overleed 21 oktober 1952, 78 jaar oud te Venray.

 

Uit de Limburger Koerier van 17 mei 1930:

MERKWAARDIGE BRANDKAST VAN EEN ARM VROUWTJE. Wat men zooal vond. BORGHAREN.

De weduwe Mathieu van Diest, wier echtgenoot op 2 Februari l.l. jammerlijk in de Maas verdronk, moest dezer dagen wegens krankzinnigheid naar Venray worden overgebracht. Het vrouwtje gaf voor, geheel zonder middelen van bestaan te zijn en verzamelde letterlijk alles, wat zij op haar dagelijksche omzwervingen tegenkwam of van goedgeefsche inwoners kreeg. Bedelen deed zij wel niet, maar zij liet zich verzorgen op kosten van het armbestuur.
Na haar overbrenging naar Venray bezochten de gemeente-veldwachter Coumans en Rijksveldwachter Urlings onder toezicht van den Burgemeester en medewerking van den gemeente-secretaris haar verlaten woning, die volgens geruchten in een verregaanden toestand van vervulling moest verkeeren. Wat daar werd aangetroffen, was erger dan te verwachten viel. Wel stonden er een viertal emmers, doch voor schrobben of poetsen hebben die nooit dienst gedaan.
De eerste lade, die geopend werd, bevatte naast allerhande anderen rommel een aantal ineen gefrommelde koffiezakjes. De politie, die de mogelijkheid niet achtte uitgesloten, dat er eenig geld in de woning aanwezig zou zijn, ontdekte al spoedig, dat in elk dier zakjes enkele geldstukken geborgen waren, als dubbeltjes, kwartjes, centen, stuivers, halve centen, halve stuivers en guldens.
In de zelfde kast bevonden zich de kleeren van den overleden Van Diest en van 't vrouwtje zelf. Deze kleeren waren meerendeels geheel vergaan en zwaar beschimmeld; 't onderzoek daarvan leverde niets op. Wel werden op den bodem van de kast weer eenige koffiezakjes gevonden met klein geld en zelfs enkele rijksdaalders. Een tweede kastje was op slot en zag er op het oog heel gewoon uit. De opening van het kastje leverde een walgelijk gezicht; de geheele inhoud (hoofdzakelijk nieuw linnen) was totaal verrot en vergaan, brokstukken papier en lompen kleefden aan de geheel vermolmde planken. Uit dezen chaos van vuil en viezigheid kwamen echter twee pungels ter grootte van een voetbal te voorschijn; het geheel bestond uit aan elkaar genaaide lompen en vodden en was buitengewoon zwaar. De gevonden schat werd los gesneden en bleek weer opnieuw gevuld uit kleine omsnoerde en ingenaaide bundeltjes te bestaan, die elk afzonderlijk een drietal zilverstukken en wat kleingeld bevatten.
Dit geld was geheel beschimmeld en aan een gekleefd.
Het gekke vrouwtje had het dikwijls over dollars. Het is mogelijk, dat hiermede rijksdaalders bedoeld waren. Bij verder onderzoek werd in afval en viezigheid ook nog een aantal koffiezakjes gevonden, waarvan er een zelfs een bankje van f 25 en een van tien gulden bevatte.
Omstreeks half drie uur in den namiddag, na ruim drie en een half uur zoeken en ploeteren, kon in een der emmers reeds een bedrag van ongeveer fl. 640.- geborgen worden.
Na een uur rust te hebben genomen, werd andermaal gezocht, en begon men de voor de tweede maal gecontroleerde lompen - en voddenmateriaal stelselmatig op te ruimen. Een eigenaardig gevouwen lapje stof bleek vijf briefjes van f 10 en twee zilverbons van f 2.50 te bevatten. Op een andere plaats werden twee briefjes van f 60 uitgepeuterd. Zorgvuldig nazoeken van het ledikant bracht in een kussensloop verborgen een massa kleine pakjes met ingenaaid zilvergeld, meestal guldens en rijksdaalders, aan het licht. Hier en daar werden nog kleine vondsten gedaan, en de eindtelling op het gemeentehuls leverde een gezamenlijk bedrag van 999 gulden en zeven en zestig en een halve cent op. Het geld Is bij de Boerenleenbank te Limmel vastgezet ter bestrijding van de kosten van overbrenging en verzorging van het arme vrouwtje. De in het woonvertrek aangetroffen bijna nietswaardige meubeltjes enz. zijn naar het gemeentehuis overgebracht. Ook hadden de genoemde personen bij dat onderzoek nogal veel niet te noemen beestjes opgevangen, waarvan zij naderhand den last ondervonden.
Een woord van hulde komt zeker den burgemeester toe, die ten voordeele van de gemeentekas dit karweitje geheel heeft bijgewoond, en niet tegenstaande zijn hoogeren rang ook niet van het bezoek dier niet te noemen beestjes was verschoond gebleven.

 

Limburger Koerier van 6 augustus 1931:
In de Maas verdronken. BORGHAREN. - Gisteren omstreeks 9 uur 's avonds werd de gemeente-veldwachter Coumans gewaarschuwd, dat langs den oever van het Juliana-kanaal in den Borghaarderbosch een fiets en kleeren van een manspersoon lagen en de eigenaar niet te zien was. Bij het nazien der kleeren bleek uit de papieren, die zich in de zakken bevonden, dat deze waren van den 22-jarigen M. Janssen wonende Bloemenweg, Wijk-Maastricht. De familie, die met het een en ander in kennis werd gesteld en waarvan een broeder van den vermiste ter plaatse kwam, herkende deze kleeren en fiets als van zijn broeder te zijn. Deze deelde mede, dat zijn broeder omstreeks half 3 was weggegaan om te gaan baden. Alhoewel door een 5-tal personen getracht werd door duiken den drenkeling te vinden en de inmiddels gewaarschuwde bediening van de stuw met eenig materiaal aanwezig was en deze tot laat in den avond gedregd had, is het niet mogen gelukken den drenkeling te vinden. Hedenmorgen is opnieuw met nog meer materiaal begonnen naar den ongelukkige te dreggen. De Burgemeester alsmede de marechaussee van den Scharnerweg waren 's avonds aanwezig.

 

Mathieu Lambert Roelof JANSSEN was opzichter in de zinkwitfabriek. Zijn ouders waren Hendricus Matheus JANSSEN - werkzaam als conducteur bij het Staatsspoor en spoorwegbeambte - geboren op 2 oktober 1876 te Mheer. Hij huwde Catharina WILLEMS 18 november 1901 te Mheer. Catharina WILLEMS werd geboren op 22 september 1870 te Mheer. Catharina overleed 6 maart 1952, 81 jaar oud te Maastricht. Mathieu werd geboren op 20 september 1907 te Eygelshoven. Hij overleed 8 augustus 1931, 23 jaar en 10 maanden oud te Borgharen.

 

Algemeen Handelsblad van 16 september 1931: "Na een bezoek aan de te kermis Maastricht is hedennacht de 47-jarige J. Willems aan de Zuidwillemsvaart gestruikeld over een touw, waarmede een schip was vastgelegd. Na eenige oogenblikken werd de man levenloos opgehaald".

 

9 juli 1932. Joseph Hugo Louis OLDENBROEK overleed 9 juli 1932, ruim 10 jaar oud. José verdronk in het kanaal van Luik naar Maastricht bij het vissen te Maastricht. José werd geboren op 10 oktober 1921 als zoon van Victor Hugo Casper OLDENBROEK en Constance Sophia Maria LOIJENS. José werd begraven op 12 juli 1932 te St. Pieter. Papenweg 78 te Maastricht (St. Pieter). Zie: kerkhof St. Pieter vak P.

 

 

De Limburger Koerier van 28 mei 1936:

 



Limburgsch Dagblad van 2 juni 1939: "De 8-jarige M. P. van de Wel, wonende aan den Papenweg te Maastricht, was gisterenmiddag omstreeks 2 uur met eenige vriendinnetjes wat gaan wandelen. Hierbij kwamen zij in de omgeving van het z.g. Drifke, een verbindingswater tusschen Kanaal en Maas op St. Pieter. Spelende is het meisje aldaar toen van den berm afgevallen en in het 2 meter diepe water geraakt. Ondanks het feit, dat spoedig geneeskundige hulp na het redden aanwezig was, konden de levenssgeesten niet meer opgewekt worden".

 

Maria Paulina werd geboren omtrent 1931. Zij verdronk 1 juni 1939, 8 jaar oud bij het Drifke te St. Pieter. Haar ouders waren  Hendrik VAN DER WEL geboren op 27 juni 1897 te Beverwijk. Hendrik huwde Francina VAN DER BLIEK 6 februari 1919 te Ellewoutsdijk. Francina VAN DER BLIEK werd geboren op 17 juni 1895 te Ellewoutsdijk.

 

 

Gelukkig werden heel wat kinderen en volwassen wel uit het water van dit kanaal gered. Op de webpagina's over het kerkhof van St. Pieter kunt u hier meer over lezen. Onderstaand een artikel over de uitreiking van de bronzen erepenning voor getoonde moed. Elisabeth Theodora Ernestiene (Alice) GOFFIN redde drie (dronken) schippers uit het kanaal van Luik naar Maastricht bij St. Pieter. Bron: De Limburger Koerier van 2 februari 1935.

 

 

Algemeen Handelsblad van 19 oktober 1940:

 

De Nieuwe Koerier van 23 januari 1941: "Uit het kanaal is Dinsdagmiddag het lijk gedregd van den 61-jarigen Ch. Valck, wonende aan de Raamstraat te Maastricht, die al sinds 7 weken vermist werd. Vermoedelijk is de man door de duisternis misleid te water geraakt en verdronken." De overlijdensakte van Désiré Charles Joseph VLACQ is gedateerd op 21 januari 1941 te Maastricht. Hij was een zoon van Jean Joseph VALCQ en Anne Catherine HOEN, huwde op 23 juli 1902 te Maastricht Odilia HOUBEN, dochter van Pieter Jozef HOUBEN en Maria Catherina WEIJENBERG.

 

De Nieuwe Koerier van 23 januari 1941:

 

 

 

1946: Wim HALMANS geboren in 1940 en overleden in 2009, 69 jaar oud. Als jochie van 6 werd hij door Dhr. LEM, bakker te Maastricht in 1946 uit het kanaal gered.

 

Arnoldus Hubertus CLAESSENS verdronk 31 mei 1948, 39 jaar oud.

 

Gazet van Limburg: 1 juni 1948 en 2 juni 1948.

 

 

12 februari 1952: De Heerenveensche koerier onafhankelijk dagblad voor Midden-Zuid-Oost-Friesland en Noord-Overijssel: "Maandagmiddag werd uit het kanaal Maastricht-Luik ter hoogte van het zogenaamde „Drifke" op St Pieter het lijk opgedregd van de 68-jarige H. L. J. van Andel, van beroep schipper en wonende aan de Parkweg te Maastricht. De man werd reeds sedert 9 Januari j.l. vermist. Blijkens het ingestelde onderzoek is dit verdrinkingsgeval te wijten aan een ongeluk".

Henri Léonard Joseph VAN ANDEL werd geboren omtrent 1885 te Luik. Hij overleed 11 februari 1952, 67 jaar oud te Maastricht. Hij was een zoon van Léonard VAN ANDEL en Marie Catherine GRAULS. Gehuwd was hij met Maria Johanna OTTEN.
 

Limburgsch Dagblad van 27 oktober 1954:

Limburgsch Dagblad van 18 juli 1955:

Ida Joseph BRAKEN werd geboren op 12 januari 1938 te Maastricht als dochter van Arnoldus Johannes Hubertus BRAKEN en Anna Maria WILLEMS. De ouders van Ida hadden gedurende acht jaar het café "De Grot" op de hoek van de Lage Kanaaldijk en de Ursulinenweg. Daarna woonde de familie aan de Lage Kanaaldijk nr. 51. Ida overleed 26 oktober 1987, 49 jaar oud te Maastricht.

 

 

Roelof KUPERUS verdronk 8 november 1962, 3 jaar oud.
 
 

1961: fotograaf Jacques Voets maakte bovenstaande opname van de ophaalbrug. Foto: collectie Mevr. Clémence de Vos - Closset.

 

Uiteindelijk gingen ook het karakteristieke brugje over het kanaal en de twee pilaren, waartussen men in tijd van beleg stevige planken kon schuiven, door de slopershamer definitief verloren. Voor de aanleg van de Maasboulevard eind jaren 60 moest veel cultureel erfgoed wijken. De eeuwige strijd tussen de vooruitgang en behoud van waardevolle historische objecten werd in het voordeel van de belangen van de Maastrichtse middenstandondernemers beslist. De aanleg van een echte tunnel voor het doorgaand verkeer was een betere optie geweest.

Willem Rossen.
20 september 1962: arbeiders leenden een waterpomp bij de Enci. Aangekomen bij de brug werd de brug omhoog gebracht tot de hoogte van de waterpomp op het laadplatform van de vrachtauto. Het overbrengen van de waterpomp van laadplatform naar brug ging fout. Willem Rossen (* 1931 † 2004), de man die gewond raakte bij het inzakken van de ophaalbrug bij de Bonne Femme, was een oom van Rudie Kuperus.

Uit het Archief van de Gemeentepolitie Maastricht:

20 september 1962:

"16.45 uur. Wordt telefonisch kennisgegeven dat tijdens het afladen van een waterpomp op de ophaalbrug aan het Bat een ongeval had plaatsgehad. Hierdoor werd een persoon genaamd: Rossen, Wilhelm Hendricus, geboren te Nijmegen op 12 mei 1932, bakschipper, wonende te Nijmegen, Biesendwarsstraat 66, gewond en moest worden opgenomen in het ziekenhuis Sint Annadal.
De commissaries van politie heeft zich van de toestand ter plaatse op de hoogte gesteld terwijl onder leiding van hoofdinspecteur Thijs de nodige verkeersmaatregelen werden genomen. Morgen 21 september 1962 om 10.00 uur zal worden begonnen met de afbraak van de beschadigde ophaalbrug."

Uitbater Math de Bruijn van de '"Bonne Femme" aan de overzijde verleende Rossen eerste hulp. De Bruijn riep een omwonende om enkele dekens uit het raam te gooien en de ambulance te bellen. Rossen werd een week later uit het ziekenhuis St. Annadal ontslagen en herstelde verder te Nijmegen van de opgelopen hersenschudding; de wond aan zijn hoofd was deskundig gehecht, een litteken was later niet zichtbaar. 21 september 1962, daags na het ongeval met Willem Rossen, werd de brug gesloopt (zie linker foto). Vervolgens werd op 3 oktober 1962, twee weken na het ongeval, het onderstel van de brug verwijderd.

25 april 1963: de sluis is leeg! Willem Rossen (met handen in de zij) staat op de dam ten zuiden van de St. Servaasbrug. De man in de witte regenjas uiterst rechts is Dhr. Dresens (* 1928 † 2000) van Rijkswaterstaat die hem zeven maanden eerder opzij duwde bij het incident met de brug.

Foto's en informatie: Dhr. Rob Kamps. Met dank aan Dhr. Willem Rossen (†), Dhr, M. de Bruijn en de fam. Krebbers.

Ons bestuurslid Dhr. Rob Kamps (†) schreef voor het tijdschrift De Bombardon, derde jaargang, nummer 2, juni 2010 het artikel Blinden, blindgangers en een bloedbak. De Bombardon is het orgaan van de Stichting Geschiedkundige Verzameling Explosieven Opruimings Dienst.
 

In dit artikel kunt U o.a. meer lezen over Willem Rossen.

Klik op onderstaande links om het artikel te lezen:

 

Drenkelingen\Bloedbak1.pdf   Drenkelingen\Bloedbak2.pdf   Drenkelingen\Bloedbak3.pdf

 

 

Zwembaden gaan ook hun tol eisen.

 

De Tijd. De Maasbode van 15 juni 1964.

 

Fredricus Nicolaas Johannes MURRER overleed 13 juni 1964, 9 jaar oud omstreeks zestien uur dertig. Zijn stoffelijk overschot werd gevonden in het Jekerbad te Maastricht. Hij was een zoon van Constant Guillaume Joseph MURRER en Maria Adriana DE VREDE.